Home

Overdenking op de 2e zondag van Pasen

Morgendienst in Wijhe, 27-4-2014

Lezingen: Genesis 8:6-16 en Johannes 20:19-23

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

in verhalen of tv-series gebeurt al snel dat personages als een bepaald stereotype in ons hoofd gaan zitten. Dat gebeurt vooral bij kinderverhalen. Adriaan is acrobaat, en Bassie zit vol kattekwaad. Dat is dan tenminste duidelijk. En wie is er niet opgegroeid met Jip en Janneke. Jip de stoere jongen, grote mond, Janneke het lieve zorgzame meisje, hoewel soms best ontdeugend. Zo krijgt een kind een beetje grip op de werkelijkheid, op die rare grote mensenwereld.

Hopelijk kom je, met het ouder worden, tot het inzicht dat de wereld niet zo simpel in elkaar zit als in pakweg Bassie en Adriaan of Jip en Janneke. In grote mensenverhalen kom je zogenaamde gelaagde karakters tegen. Mensen die je op het eerste gezicht denkt te kennen, maar in de loop van een verhaal of een film een ontwikkeling doormaken. Die verhalen komen ons levensechter voor, met die personages kun je je identificeren.Net als jij met hun zorgen, hun vragen, hun opmerkelijke karaktertrekken en blinde vlekken.

Met dat in ons achterhoofd is het vreemd hoe, elk geval bij mij, de bijbelverhalen ingenesteld zijn. Dat geldt zeker voor het verhaal van lijden en opstanding. Ook daarin lijken zich een paar kinderlijke stereotypes aan ons op te dringen. We hebben een paar duidelijke badguys, Judas en de Farizeeen, we hebben Petrus, de impulsieve en soms wat overmoedige leerling, en natuurlijk: de ongelovige Thomas. Een ongelovige Thomas, het is een staande uitdrukking geworden. Het maakt de wereld lekker simpel: elf gelovige discipelen en één ongelovige. Thomas met zijn onwil om te buigen voor het wonder. Die pas gelooft als hij het ziet. Een lichte tik op de vingers voor hem, en ons rest de moraal van het verhaal: geloof in de opstanding, ook als je er niet echt bij was.

Zo gelezen kan er een strik om het verhaal en zijn we er gauw klaar mee. Maar Tomas laat zich niet zo gemakkelijk in een stereotiep drukken. Hij is in het Johannesevangelie een gelaagde persoonlijkheid, iemand die je met meer vragen achterlaat dan je voor het lezen had. De scene die we gelezen hebben is niet de enige waar we hem tegenkomen. We komen hem ook tegen wanneer Lazarus, een vriend van Jezus, is gestorven. Als Jezus dat droevige feit aan de leerlingen meedeelt, zegt Tomas: laten wij gaan, om met Lazarus te sterven. Mysterieuze woorden. Laten wij gaan om met Lazarus te sterven. Tomas kiest hier voor de schaduwkant, hij kiest de kant van de stervenden. Hij waakt bij het graf. En als Johannes hem vervolgens opvoert in het opstandingsverhaal, dan is het alsof hij nog bij dat graf op wacht lag. Want met Pasen mag alles dan met vlaggetjes zijn behangen, er mag wel een uitgelaten lentesfeertje hangen, al die vrolijkheid krijgt pas diepte tegen de achtergrond van de doodsdreiging. Tomas is als het ware een advocaat van de doden. En dat verklaart ook zijn afwezigheid bij de eerste verschijning van Jezus. Want het is niet zomaar toevallig dat hij er niet is. Het is zijn eigen beslissing. Hij staat als het ware nog op wacht bij het graf, bij het dodenrijk. Terwijl het feest is in Jeruzalem vanwege het Pascha, kiest hij de schaduw van de dood. Als iedereen Halleluja zingt, heft Tomas een klaagzang aan. Als iedereen de mond vol heeft over lente en nieuw leven, zal Tomas zeggen dat de lente niets is zonder de winter waaruit zij vandaan komt. Hij wil de wonden van de Gekruisigde voelen, hij wil niet zomaar over de pijn heen stappen.

Zo’n advocaat van dood en lijden, een die met mij wil sterven, een die niet wegloopt voor mijn pijn hoe heilzaam zou zo iemand voor mij kunnen zijn. Want net als Jezus loop ik misschien ook met een wond in mijn zijde. Iets wat onherstelbaar kapot is gegaan. Het kan mijn zelfvertrouwen zijn, omdat niemand ooit een goed woord voor mij over heeft, omdat ik nooit ergens voor gevraagd wordt als er wat moet gebeuren, om alle afwijzingen van mensen die zich op de bodem van mijn ziel hebben genesteld. Ik voel me allang dood en begraven in de ogen van de ander.

Het kan mijn relatie zijn, mijn gezin, mijn familie, die basis waarop ik dacht te staan, glipte langzaam tussen mijn vingers vandaan en nu raap ik de stukjes bijeen. En denk ik, om de wanhoop de baas te blijven, ‘gewoon doorgaan, blijven ademen’. Maar kom me niet aan met praatjes over opstanding, dat er misschien iets nieuws kan bloeien. De wonden zijn me te diep

En dan hebben we het nog niet over mijn gemis gehad, o god, het gemis van een geliefde. De eerste periode van verdriet, dat kon iedereen zich nog wel voorstellen, maar heeft iemand hier een idee hoe lang het blijft sluimeren. Hoe lang ik getwijfeld heb om haar spullen weg te doen, hoe priemend af en toe zijn foto de kamer inkijkt, nog steeds. En ik durf het bijna niet hardop te zeggen, maar alle geloofsantwoorden die ik dacht te hebben voor als de moeilijke dagen komen, ze doen het niet meer. Pasen klinkt me als een sprookje in de oren, want wie steekt voor mij de doodsrivier over om mijn geliefden terug te halen?

In deze vragen staat Tomas aan mijn kant. Hij wil de wonden zien, aanraken, hij gaat niet mee in de euforie. Niet omdat hij een koppige ongelovige is, die niet wil buigen voor het wonder van Pasen. Maar omdat hij met mij meevoelt dat in het aangezicht van lijden en dood goedkope antwoorden niet volstaan.

Maar nu de eerste vreugde van Pasen is uitgeraasd, voegt Tomas zich bij de anderen. En daar verschijnt Jezus aan hem. ‘Leg je vingers hier en kijk naar mijn hand en leg je hand in mijn zijde.’ Jezus gaat dus mee in de wens van Tomas: hij mag de wonden aanraken, de littekens aftasten. Je kijkt er misschien zo overheen, maar het is toch opmerkelijk dat die littekens er uberhaupt zijn. Opmerkelijk, en vertroostend ook. Want met Pasen vieren we niet dat we alle leed voorgoed voorbij is. God is de wonden van zijn geliefde mens niet vergeten. Zijn wonden, mijn wonden, ze blijven als littekens bestaan. Er worden geen vragen gladgetrokken, de pijn wordt niet ontkend. Het is zoals Leonard Cohen zong in zijn bekende lied ‘Hallelujah’: ‘love is not a victory march, it’s a cold and broken hallelujah’ -liefde is geen overwinningsmars, het is een koud en gebroken halleluja. Het is Tomas die daar aandacht voor vraagt, en het is Jezus die hem die ruimte geeft.

En Jezus verbindt er een uitnodiging aan. In de NBV is dat zinnetje nogal streng vertaald: wees niet langer ongelovig, maar geloof. Alsof Tomas al in het kamp der spotters zat, en hij nu op de valreep nog in het veilige scheepje van het geloof kan plaatsnemen. Alsof het geloof een zaak is van het blind aannemen van absurde denkbeelden. Alsof de wereld simpel in te delen is in een kleine groep gelovigen, en een grote menigte koppige ongelovigen. Jezus antwoord aan Tomas is denk ik beter te lezen als: word niet ongelovig, maar gelovig. Tomas staat nog voor een tweesprong, hij wordt niet door Jezus veroordeeld. Hij wordt uitgenodigd om te gaan geloven. En geloof, dat heeft in de Bijbel altijd de klank van vertrouwen. Geloven is: je gewonnen geven aan het goede nieuws. Dat is een moeizaam proces, want al mijn wonden, al mijn littekens weerhouden mij, laten mij denken dat dit het einde is. Dood is dood, stigma is stigma, eens een dief, altijd een dief.

Maar nu staat de Opgestane voor mij. Met zijn littekens, met zijn wonden. En ik sta tegenover hem met mijn pijn, mijn ruines, mijn scherven. En hij nodigt mij uit om, met al die ellende op mijn rug, niet zonder vertrouwen te zijn. Hij nodigt me uit om vertrouwen te krijgen in het goede nieuws dat God uit scherven een nieuwe vaas kan boetseren, dat mijn ogen nieuwe glans kunnen krijgen, dat mijn littekens gekend zijn, dat de dood voor God niet het einde is. Maar hoe kan dat vertrouwen in mij wortel schieten? Ik heb mijn deuren nog veilig gesloten. Ik ben bang voor wat er buiten is, voor al dat heldere licht dat zomaar op mijn leven valt. Stiekem glipt de Heer door de deuren heen en wenst mij vrede. ‘Vrede met jou.’ En ik stamel met Tomas mee: mijn Heer en mijn God. Ik knipper nog eens met mijn ogen en zet voorzichtig een luikje open.

Amen

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s