Home

Overdenking op “Wezenzondag”

Morgendienst in Ouderkerk aan de Amstel

Lezingen: Exodus 19:1-11 en Johannes 17:14-26

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

al een tijdje speelt een uitspraak door mijn hoofd van een goede vriend van mij. Hij, opgegroeid in een tamelijk zwaar orthodoxe kerkgemeenschap, bevrijdde zich op een gegeven moment van dat juk zo voelde hij dat. En een van de kernmomenten in zijn proces was dat hij op een gegeven moment in de Kuip, het stadion van Feyenoord stond, zijn cluppie, en daar met al die pakweg 45000 mensen als één man achter het team ging staan, zingend en roepend, “Hand in hand, kameraden”, nou ja laten we dat hier maar niet te hard zingen, straks komt er nog een steen door de ruit. Maar goed, het zinnetje dat hij daarover zei, dat mij is bijgebleven, was: ‘Toen pas had ik voor het eerst het gevoel voluit deel van de wereld te zijn.’ Een ware bekeringservaring, zo kun je het denk ik wel noemen. Alleen dan voor ‘ons’ besef dan misschien omgekeerd: niet de kerk in, maar de kerk uit. Hoe dan ook, een ervaring van grenzen die opgeheven worden een schutting die wordt neergehaald, eindelijk verbonden zijn met alle mensen los van wat ze geloven, wat ze doen, een gevoel van eenheid. En terugkijkend vond hij dit zo vervelend aan de kerk: altijd ergens het gevoel hebben dat je anders bent, dat je nooit helemaal onderdeel bent van de wereld dat er altijd iets is dat je terugroept. Concreet betekende dat in zijn geval ook een moeder die hem op zondag terugriep van het voetbalveld en geen ijsjes op zondag – en dan heb ik het dus over de jaren negentig.

Met de lezingen van vandaag komt bij mij dit verhaal weer omhoog. Het is vandaag wezenzondag en ‘vieren’ we dat Jezus in de hemel is opgenomen en dat wij er daarmee alleen voor lijken te staan. Het leesrooster splitst ons op dat moment van eenzaamheid die er zomaar opeens is twee lezingen in de maag die mij niet zo lekker liggen. Want het centrale woord dat de lezingen met elkaar verbind is Heiligen. In exodus moet het volk zich heiligen voor het aanschijn van de Ene en in Johannes bidt Jezus dat zijn leerlingen en allen die in zijn naam geloven geheiligd worden door de waarheid.

Heiligen, je kunt je afvragen of dat een logische reactie is op het moment dat je alleen bent. Mij gebeurt dat dit weekend mijn vrouw en onze twee kleintjes zijn een paar dagen weg, en ik heb zogezegd het rijk alleen. Ga ik mezelf dan heiligen? Ik bedenk me eens welke films ik nog wil zien met welke vrienden het hoog tijd is voor een biertje en ondanks onze vegetarische neigingen van de laatste tijd had ik gister zin in een broodje kebab. De bloemetjes buiten zetten, dat is eerder een gezegde dat bij me opkomt.

En ondertussen komt weer een flard terug van dat gesprek waarin mijn goede vriend zei zich voor het eerst een te voelen de wereld, in dit geval het Feyenoordlegioen. Toen hij zijn relaas had gedaan vroeg hij mij: En jij dan? Wat zoek jij dan eigenlijk nog in de kerk? Ik nam een slok koffie om het gewicht van de stilte die op die vraag volgde enigszins te verlichten. Ik en de kerk, nou ja, eehm. Wat ik zo snel kon verzinnen was dat een zingende gemeente mij meer doet dan een joelend Feyenoordlegioen. Maar dat is misschien grotendeels een kwestie van smaak. Is het verschil nou zo levensgroot? Moet je kerk en wereld zo ver uit elkaar trekken? Het is de weerstand die ik heb tegen de woorden van Jezus. Dat zijn volgelingen niet bij de wereld horen. En dat zij in die wereld gezonden worden. En dat wij dus als volgelingen geheiligd moeten worden voor die missie. Is dat niet allemaal wat erg zwart wit?

Misschien is het tijd om even een misverstand op te ruimen. Heilig zijn, jezelf heiligen, heilig worden. Dat moeten we even losknippen van het braaf volgen van een burgermansmoraal. Heiligheid is geen kwestie van fatsoen. Van netjes leven en niet te gek doen. Het heeft ook niet zoveel te maken met ijsjes op zondag en op je paasbest naar de kerk schuifelen. Heiligen, als je de lezingen van vanmorgen goed bekijkt, is iets wat God met ons doet. Het begint met een God die je ziet zoals hij Israel in de slavernij zag. Hij zag een geknecht volk zonder hoop. En nog ziet hij hoe mensen gebukt gaan onder van alles en nog wat. Hij ziet waar de slavernij in onze dagen zit. In de groeiende kloof tussen hoger- en lageropgeleiden. Of in de nog steeds subtiel aanwezige discriminatie van vrouwen. Of in het feit dat wij er rechten aan ontlenen dat wij op dit misdadig welvarende stukje van de planeet wonen, en hopen dat er niet nog meer mensen op het idee komen om in bootjes deze kant op te komen. En slavernij, het is er niet alleen op wereld- of nationaal niveau, u kent het misschien ook op het niveau van uw eigen ziel. Onder welke gedachten gaat u gebukt, welke gebeurtenissen blijven maar drukken? Welke mensen houden uw dromen klein?

Geheiligd worden is dat er dan een God is die dat ziet, al die onderdrukking. En die dat niet langer aan kan zien, en je wil bevrijden. Die je dan opneemt, op adelaarsvleugelen, lazen we in Exodus. Die dan tegen je zegt: je bent voor mij als een kostbaar bezit ik ga goed op je passen, ik zal je beschermen. En als het nodig is, dan neem ik je apart dan breng ik je naar een land van melk en honing. Dat is wat er gebeurt als God aan het heiligen slaat. Hij wil de cirkels waarin je als mens, of wij als volk of als wereld, gevangen zitten breken. En dan ergens iets nieuws beginnen een plek waar niet langer het recht van de sterkste geldt, of van de slimste marketing; een plek waar je afkomst niet bepalend is voor hoe hoog je kan komen en je sexe niet bindend is voor welke plaats je inneemt in de gemeenschap. Heiligen is dus iets wat God doet, om ons uit de beknelling te redden.

En wat wij dan vervolgens kunnen doen, is niets meer dan na-heiligen. In die nieuwe gemeenschap waarin je bent opgenomen je kleren wassen, en instemmen met de regels van deze nieuwe gemeenschap. Want het is natuurlijk de bedoeling dat het anders gaat. Dat is geen nieuw normen en waarden offensief. Het is nee zeggen tegen slavernij en beschimping van mensen wees en weduwe opnemen heet dat bijbels, en voegt u er de bijstandsmoeder en de straatkrantverkoper en de vluchteling maar aan toe. De mensen die voor de marketing niet interessant zijn en eigenlijk voor niemand niet voor kostbare mensen houden. Hen op adelaarsvleugelen willen dragen. En dat is een behoorlijke uitdaging voor de kerk in onze tijd. Om ons, met rode cijfers en dalende grafieken, niet blind te staren op onszelf. Om onze opdracht om zogezegd God na te heiligen serieus te blijven nemen, om de beweging naar buiten te blijven maken. Te zien waar de slavernij is. En dat wij een gemeenschap zijn die er scherp op is dat in ons midden iedereen mee kan doen ook de laaggeletterde, de slechtgeklede, de a-muzikale, de mensen die op een verjaardagsfeestje niet zoveel boeiends te melden hebben. Als we daar in groeien, dan wordt iets van Gods bedoeling in ons waar. Dan is, houd u vast, in ons zelfs iets van zijn heiligheid te zien. En of u dan vanmiddag ijs gaat eten of naar het voetbal gaat of in een kroeg meebrult met de liedjes van André Hazes, dat moet u dan verder lekker zelf weten. Het zou zomaar kunnen zijn dat juist die dingen bij onze missie horen.

Amen

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s